Menno Woudt

Nieuws voor de jeugd: kinderspel?

De werkwijze en ethiek binnen jeugdjournalistiek

Niemand zal betwisten dat kinderen tegenwoordig belangrijke mediaconsumenten zijn. Bovendien zijn het ook kritische nieuwsvolgers met eigen nieuwsmedia. Alleen: hoe gaan die nieuwsmedia, gericht op kinderen, eigenlijk te werk? Hoe moet de doelgroep benaderd worden en wat zijn de ethische valkuilen?

Een groep kinderen met een rollende ‘r’ zong ooit eens dat, als zij de baas zouden zijn van het journaal, het nieuws ‘een heel stuk positiever’ was. De macht hebben ze nooit gegrepen, misschien wel omdat er al een heel aantal nieuwsmedia speciaal op kinderen gericht is. Het Jeugdjournaal is het bekendste voorbeeld en ook het Schooltv-weekjournaal mag niet worden vergeten.

Niet alleen op televisie, ook op papier worden jonge nieuwsconsumenten bediend. Met Kidsweek en 7Days hebben kinderen een eigen krant die wekelijks op de mat valt. Sytse Wilman, afgestudeerd aan de universiteit in Groningen in de master Journalistiek, is sinds 2007 werkzaam als redacteur bij Kidsweek en 7Days. In de begintijd was er alleen de Kidsweek, die later werd opgesplitst in twee kranten: één gericht op kinderen op de basisschool en één gericht op kinderen op de middelbare school. Wilman: “Toen ik hier net kwam werken, waren er ook nog twee aparte redacties, één voor 7Days en één voor Kidsweek. Al vrij snel werd de redactie samengevoegd.”

De juiste toon

Kidsweek en 7Days zijn ogenschijnlijk gelijkwaardige kranten, maar kennen een essentieel andere doelgroep met elk een eigen insteek. Kidsweek richt zich op de kinderen tussen 7 en 11 jaar, 7Days bereikt de doelgroep 12 tot 16 jaar. Bij Kidsweek is de factor ‘leuk’ belangrijker dan bij 7Days, wat zich bijvoorbeeld uit in een speciale pagina met dierennieuws. 7Days richt zich, naast het grote en belangrijke nieuws, ook op nieuws dat voor middelbare scholieren relevant is. Het vinden van de juiste toon in de krant is een kwestie van ervaring, aldus Wilman. “We hopen in de loop der jaren gevoel te hebben ontwikkeld hoe je voor de doelgroepen schrijft.” Een van de manieren om de krant aan te laten sluiten bij de doelgroep is de taalkeuze. Wilman: “Bij Kidsweek moet je oppassen om niet te moeilijke woorden te gebruiken. Bij 7Days is juist de grootste valkuil dat je een soort jongerentaaltje gaat gebruiken en dan de plank misslaat, met ‘een supermegavetcoole dit en datte’. Daar moet je voor waken.”

Om de jonge nieuwsconsumenten te boeien is ook de schrijfstijl van groot belang. Voormalig stagiaire en inmiddels redactrice van Kidsweek en 7Days Charlotte Goldhoorn, deed tijdens haar studie onderzoek naar de lengte van zinnen in de artikelen van de kranten voor de jeugd. En inderdaad: de zinnen zijn korter dan in het ‘gewone nieuws’. Wilman: “Bij Kidsweek moet het daarnaast makkelijker zijn dan bij 7Days. Niet te moeilijke woorden, niet te lange zinnen. Voor 7Days kun je het alweer een stukje ingewikkelder maken. Hoewel ik me altijd wel afvraag waarom men voor jongeren of voor wolassenen überhaupt hele moeilijke termen zou gebruiken.” Ten slotte is ook de voorkennis die verondersteld kan worden een onderscheidende factor tussen beide kranten en ook zeker ten opzichte van het ‘gewone’ nieuws. Wilman: “Voor iemand die Kidsweek leest, moet je echt helemaal vanaf het begin beginnen. Als een artikel over 9/11 gaat, dan roept dat bij volwassenen al gelijk een hele wereld aan associaties op: ze kunnen het meteen plaatsen. Maar het kan ook zijn dan iemand van tien niet weet wat 9/11 überhaupt is. Daar moet je al heel erg rekening mee houden, omdat ze anders afhaken. Iemand die op de middelbare school zit, zal er wel iets meer van weten. Maar ook dan is het goed om terug te gaan naar ‘hoe zat het ook alweer?’

Beangstigend nieuws

Ondanks het feit dat Kidsweek en 7Days aansluiting zoeken bij de doelgroep, met een dierenpagina in Kidsweek, brengen de kranten wel degelijk het ‘echte nieuws.’ En nieuws is lang niet altijd vrolijk en positief. Oorlogen, rampen, nieuws over geweld en persoonlijke drama’s kunnen volwassenen, maar ook zeker kinderen, bang maken.

In het boek Beeldschermkinderen verwijst Patti Valkenburg, de auteur en tevens hoogleraar Media, Jeugd en Samenleving aan
de UvA, naar een onderzoek dat zij in samenwerking met het Jeugdjournaal heeft gedaan naar de angstreacties die nieuws kan oproepen bij kinderen. Aan ruim vijfhonderd Nederlandse zeven- tot twaalfjarigen werd gevraagd of ze wel eens bang waren geworden van nieuws van het NOS Journaal. Bij 48% van de ondervraagden was dit het geval. Kinderen noemden interpersoonlijk geweld het meest als oorzaak van hun angst, gevolgd door ongelukken, rampen en oorlogen. En niet alleen van het ‘volwassenenjournaal’, ook van het Jeugdjournaal werden kinderen alsnog regelmatig bang.

Er bleken ook verschillen tussen jongere en oudere kinderen. Zeven- tot achtjarigen waren vaker bang voor branden, ongelukken en rampen, terwijl negen- tot twaalfjarigen banger werden van oorlogen. Volgens Valkenburg komt dit doordat kinderen de wereld dan in een breder perspectief gaan zien. “Als ze ouder worden krijgt het nieuws veel meer betekenis. Kinderen kunnen dan vooral bang worden als het nieuws direct betrekking heeft op henzelf, bijvoorbeeld als er iets op een school gebeurt.”

Weinig onderzoek

Het onderzoek van Valkenburg naar de angstreacties van kinderen op bepaald nieuws is een van de weinige onderzoeken die tot nu toe op dit gebied is uitgevoerd. Ethische bezwaren spelen namelijk een grote rol bij onderzoek waar kinderen centraal staan. Marlies Klijn, docente Jeugd & Media Entertainment en Communicatie-ethiek binnen Communicatiewetenschap, weet daar alles van: “Onderzoek naar media-effecten op kinderen vindt voornamelijk plaats door middel van surveys. Je kunt namelijk niet zomaar experimenten houden met kinderen waarbij je nieuws met geweld of andere schokkende beelden laat zien. In die zin zijn kinderen dan toch nog een kwetsbare groep, ondanks dat ze zelf al wel veel mee krijgen. Ik denk dat men vaak onderschat hoe angstig kinderen kunnen worden van nieuws.”

Ethiek op de werkvloer

Het is duidelijk dat sommige nieuwsgebeurtenissen kinderen angstig kunnen maken. Op de werkvloer van Kidsweek en 7Days wordt daar rekening mee gehouden. Wilman: “We hebben een stijlboek waar richtlijnen in staan. Wat we proberen is om het bij de feiten te houden, maar ook te nuanceren. Als er bijvoorbeeld iets heel naars gebeurt vertellen we dit wel, maar zeggen we ook dat het nu zo groot is, juist omdat het bijna nooit gebeurt.” Het is voor nieuwsmakers met kinderen als doelgroep de kunst om een balans te vinden tussen enerzijds een goede journalist zijn en anderzijds rekening houden met de lezers, stelt Klijn. “Bij het nieuws voor volwassenen hoeft minder rekening gehouden te worden met de doelgroep: journalisten moeten dan vooral het nieuws transparant en eerlijk brengen en hun vak verstaan. Bij het maken van nieuws voor kinderen moet je als journalist meer rekening houden met de doelgroep: je houdt meer rekening met de gevolgen, zowel binnen de ethiek als bij het brengen van nieuws.”

In 2013 kwam de verdwijning van Ruben en Julian volop in het nieuws: twee broertjes van negen en zeven die uiteindelijk om het leven gebracht bleken te zijn. Heftig nieuws dat, zoals uit het onderzoek van Valkenburg naar voren kwam, angst oproept bij kinderen. Kidsweek en 7Days brachten het nieuws wel. Wilman: “Het is moeilijk om daar een afweging in te maken. Het gaat over kinderen, over iemand die bij je in de klas zou kunnen zitten. Toch staan zulke onderwerpen er wel in, omdat we nu eenmaal een krant zijn en niet de Donald Duck. Als wij het gevoel hebben dat nieuws zo groot of belangrijk is, ontkomen kinderen daar toch niet aan. Iedereen heeft het er op het schoolplein toch over. Wij vinden dat we het beter kunnen proberen goed en evenwichtig uit te leggen, dan het helemaal te negeren.”

Tactiek

Hoe goed je kinderen ook beschermt, ook kinderen worden geconfronteerd met heftige nieuwsfeiten. Om angstreacties te voorkomen is er echter wel een aantal manieren om kinderen
te helpen bij het verwerken van het nieuws, stelt Klijn. “Er zijn technieken, niet alleen voor journalisten maar ook voor ouders, waarmee je met de kinderen kan praten om ze minder angstig te laten zijn. Een advies is om kinderen af te leiden. Bij heftig nieuws kan bijvoorbeeld de focus worden gelegd op de reddingswerkers. Zo van: ‘O, wat doen zij goed werk!’ Daarbij is het alleen wel belangrijk dat je niet voorbijgaat aan wat er echt is gebeurd en waarom die reddingswerkers daar zijn.”

In de berichtgeving worden bij Kidsweek en 7Days soms ook bepaalde elementen weggelaten. Wilman: “Je maakt, omdat het kinderen zijn, andere keuzes. Bijvoorbeeld het weglaten van details; het gaat om de hoofdlijn. De bedoeling is wel dat we een correcte, objectieve weergave van de nieuwsfeiten geven. Daar gelden alle principes voor die ook voor andere journalisten gelden: objectiviteit, scheiding tussen feiten en mening, hoor en wederhoor.” Ten slotte is er de sandwichformule: een bij nieuwsmedia voor kinderen veel gebruikte techniek. Klijn: “Bij de sandwichformule worden serieuze onderwerpen afgewisseld met wat luchtigere onderwerpen.” Toch lukt dat niet altijd even goed, erkent ook Wilman: “Je bent afhankelijk van het nieuws. Als er een week niet echt iets gebeurt, wordt de krant wat luchtiger. Maar als er veel heftig nieuws is, ontkomen we er niet aan. Dat laten we dat niet weg omdat er ergens een eekhoorntje is geboren.”

Gedoseerd nieuws

Je kunt je uiteindelijk afvragen of kinderen eigenlijk wel nieuws zouden moeten volgen. Waarom zijn er überhaupt speciale nieuwsmedia voor kinderen als ze er mogelijk angstig van worden? Volgens Valkenburg is het niet zozeer de vraag hoe het nieuws voor kinderen moet worden gepresenteerd, maar vooral vanaf welke leeftijd. “Ik denk dat het belangrijk is om kinderen al vanaf jonge leeftijd, zij het gedoseerd, met nieuws te confronteren. Het is immers de wereld waar zij in leven. Als er bijvoorbeeld heel heftig nieuws is, zoals een aanslag, is het juist goed om het wel te bespreken. Het is belangrijk om het nieuws dan voor kinderen in perspectief te zetten.” Klijn sluit zich hierbij aan. “Ik denk dat nieuws voor de jongere doelgroep, zo tot een jaar zeven, sowieso niet geschikt is omdat ze het nieuws dan nog niet kunnen begrijpen. Maar het is goed dat er speciale nieuwsmedia zijn voor kinderen vanaf een jaar of zeven. Onderzoek heeft ook aangetoond dat het beter is om kinderen niet te verbieden het nieuws te zien, omdat ze het toch wel meekrijgen. Sterker nog, daar worden ze misschien nog wel banger van. Het is belangrijk om er open over te praten.”

Meer scholing

Ondanks dat er speciale nieuwsmedia voor kinderen zijn, kunnen kinderen steeds vaker online zelf nieuws vinden. Dit betekent niet dat kranten als Kidsweek of 7Days overbodig worden – integendeel, denkt Klijn. “Nieuwsmedia voor kinderen gaan op een bepaalde manier met het nieuws om; wat voorzichtiger, wat minder heftig en vooral vanuit het perspectief van het kind.” Wilman voegt daaraan toe: “Je moet ook zeker niet onderschatten hoe leuk het is voor kinderen om een eigen krant te krijgen. Natuurlijk gebeurt er veel online, steeds meer, maar we merken wel dat kinderen erg blij zijn dat ze een eigen blad hebben. We hopen dat dat nog lang zo blijft, maar misschien zijn wij in de toekomst ook alleen nog maar online.” Wat de toekomst van de jeugdjournalistiek inhoudt is niet te voorspellen. De omgeving van de kinderen blijft volgens Klijn in ieder geval een erg belangrijke factor om nieuws aan kinderen over te brengen. “Kinderen vinden tegenwoordig overal nieuws en dat is niet altijd net zo netjes en weloverwogen gebracht zoals bijvoorbeeld Kidsweek of 7Days dat doen. Daarom moeten juist hier ouders en scholen verantwoordelijkheid nemen. In de klas kan bijvoorbeeld gepraat worden over wat kinderen weten. Er kunnen ook heftige dingen voorbijkomen en juist dan is het belangrijk om die angsten te bespreken. De scholen weten nu nog te weinig over mediawijsheid en over het feit dat kinderen kritische nieuwsconsumenten zijn. Er is meer scholing nodig. Het zou mooi zijn als er een vak komt op school dat over de impact van nieuws gaat. Het vak ‘Mediawijsheid’, bijvoorbeeld.” Nieuws maken voor kinderen, het is zeker geen kinderspel.

Verder Bericht

Vorige Bericht

© 2020 Menno Woudt

Thema door Anders Norén